Enexis
Inleiding
Hieronder leest u het interview met deze opdrachtgever.
Netbeheerders mogen vanaf 2011 niet meer tot dezelfde groep behoren als de producenten, handelaren en leveranciers van gas en elektriciteit. Voor Essent betekende dit dat zij afscheid moest nemen van haar netwerkbedrijf, dat sinds 1 januari 2009 werkzaam is onder de nieuwe naam Enexis. Enexis beheert het energienetwerk in zeven provincies.
'De overgang van Essent Netwerk naar Enexis had heel wat voeten in de aarde”, zegt Sebastiaan Leppink, inkoper bij Enexis. “Daarvoor hebben we een Stuurgroep Rebranding opgezet. Eén van de eerste dingen die we wilden aanpakken was het wagenpark van bijna 1000 auto’s. Na een Europese aanbesteding bleek RGN de beste op het gebied van prijs en kwaliteit.”
Logistieke topprestatie
“In een aantal sessies hebben we de strategie
vastgesteld”, vertelt projectleider Hennie Gottemaker.
“We wilden de auto’s zo min mogelijk dagen kwijt zijn.
Maar schoonmaken, spuiten, drogen en beplakken
binnen een week bleek niet haalbaar. Toen kwam RGN
met het plan: we halen het spuiten en plakken uit
elkaar. Het spuiten gebeurde op tien locaties, het
beplakken op één centrale locatie in Enkhuizen. En zo
ging het circus lopen.”
De keuze voor één plaklocatie bracht meer logistieke
bewegingen met zich mee. Toch betekende dat een
forse besparing op de kosten. “Als je plakploegen
door het land stuurt kost dat veel meer tijd. Dit was
de enige mogelijkheid om zoveel voertuigen op dit
niveau in zo’n korte tijd, voor die keiharde deadline,
te kunnen rebranden. Een logistieke prestatie van
topniveau.”
Proactief
“Het liep allemaal heel soepel,” zegt Leppink. “Er
waren nauwelijks dingen die achteraf bijgesteld
moesten worden. Wat heel positief was, was dat de
regio’s zelf proactief met zaken kwamen die ook nog
moesten gebeuren. Dat gebeurt dus echt nooit, dat
zie je alleen als ze heel tevreden zijn.”
Gottemaker: “Er waren weken dat we 45 tot 48 auto’s
deden. Dat ging echt heel goed. In januari zijn we
begonnen, in juli waren we klaar. Keurig op tijd voor
de deadline.” “Dat was een behoorlijke opgave”, zegt
Leppink. “Het is een extreem groot wagenpark, je hebt
te maken met 30 regio’s en de tijd was toch heel krap.”
Dagelijks contact
Een lastige factor bij de operatie was de grote
verscheidenheid aan auto´s. “We hebben personenauto
´s, vrachtauto´s, busjes..`, vertelt Gottemaker.
`Allemaal verschillende merken. Sommige hebben
ramen, sommige niet. Dat maakt het heel intensief.
En dan ook nog de specials, zoals aggregaten,
aanhangers, schaftketen, zeecontainers. Dat hebben
we allemaal in de operatie meegenomen.” Gottemaker
had als projectleider rebranding te maken met één
contactpersoon bij RGN. “We hadden dagelijks contact,
soms om het uur. Maar met elkaar liep het heel soepel,
echt voortreffelijk.”
Trots
“De medewerkers zijn trots op hun auto”, zegt Leppink.
“Daarbij moet je bedenken dat de chauffeurs in het
veld heel veel tijd in hun auto doorbrengen. Ze zien
het echt als hun eigen auto. Dan is het leuk als je
merkt dat ze trots zijn op het nieuwe uiterlijk. We
hebben ook gelijk gezegd: zie je kleine oneffenheden,
zoals bijvoorbeeld spuitnevel, meld het dan, zodat het
meteen wordt hersteld. Als je zegt: dat doen we later
wel, mis je het gevoel van mensen dat maakt dat ze
nu zo trots zijn.”
(bron: RGN nieuwsbrief oktober 2009 pagina 5)
Branche:
Energiesector
Specialismen:
Voertuigen en materieel







